Oefeningen: welke tekstsoort is het?

Hieronder staan vijftien oefeningen over verrassende onderwerpen uit de geschiedenis, de natuur en de samenleving. Lees elke tekst en bepaal zelf welke tekstsoort het is. De titels verklappen het antwoord níÊt — dat is juist de bedoeling. Bij elk antwoord krijg je meteen uitleg.

Tip

Vraag jezelf bij elke tekst af: wat wil de schrijver vooral bereiken? Wil hij me informeren, laten doen, overtuigen, iets leren maken of vermaken? Dat hoofddoel bepaalt de tekstsoort.

OEFENING 01

De klok die de hele stad wakker hield

Lees de tekst en bepaal het hoofddoel van de schrijver.

Start deze oefening
OEFENING 02

Geef het stervende moeras een tweede kans

Lees de tekst en bepaal het hoofddoel van de schrijver.

Start deze oefening
OEFENING 03

Waarom stilte net zo kostbaar is als schone lucht

Lees de tekst en bepaal het hoofddoel van de schrijver.

Start deze oefening
OEFENING 04

Zelf inkt maken zoals de monniken het deden

Lees de tekst en bepaal het hoofddoel van de schrijver.

Start deze oefening
OEFENING 05

De bewaker van de boeken in het zand

Lees de tekst en bepaal het hoofddoel van de schrijver.

Start deze oefening
OEFENING 06

De vogel die mensen naar honing leidt

Lees de tekst en bepaal het hoofddoel van de schrijver.

Start deze oefening
OEFENING 07

De naam van een straat vertelt wie we willen zijn

Lees de tekst en bepaal het hoofddoel van de schrijver.

Start deze oefening
OEFENING 08

Bouw in zeven stappen een hotel voor insecten

Lees de tekst en bepaal het hoofddoel van de schrijver.

Start deze oefening
OEFENING 09

Het meisje dat met getallen droomde

Lees de tekst en bepaal het hoofddoel van de schrijver.

Start deze oefening
OEFENING 10

De ondergrondse stad die helemaal van zout is

Lees de tekst en bepaal het hoofddoel van de schrijver.

Start deze oefening
OEFENING 11

Leen een zaadje, oogst een tuin

Lees de tekst en bepaal het hoofddoel van de schrijver.

Start deze oefening
OEFENING 12

Een streektaal verdwijnt sneller dan je denkt

Lees de tekst en bepaal het hoofddoel van de schrijver.

Start deze oefening
OEFENING 13

De laatste vlucht van een kleine bode

Lees de tekst en bepaal het hoofddoel van de schrijver.

Start deze oefening
OEFENING 14

Maak in vijf dagen je eigen zuurdesem

Lees de tekst en bepaal het hoofddoel van de schrijver.

Start deze oefening
OEFENING 15

De mieren die hun eigen voedsel verbouwen

Lees de tekst en bepaal het hoofddoel van de schrijver.

Start deze oefening